In memoriam
Op donderdag 17 september 2009 overleed ons oud-koorlid
Frans Geertzen.
Hij was ernstig ziek en dat heeft tamelijk lang geduurd, waarbij hij hevige pijnen leed, want hij had botkanker. Ondanks alle pijnstillende middelen, was de pijn niet om uit te houden.
Samen met de liefdevolle hulp van zijn vrouw Riet heeft hij dit volgehouden. Toen wilde zijn geest niet meer, maar zijn hart was te sterk. Om de pijn te verzachten werd hij uiteindelijk in coma gebracht en sliep hij rustig in, waarbij zijn naasten aanwezig waren.
Wij verliezen in Frans een oud-koorlid, die zijn grillen en zijn grollen had. Hij was niet alleen letterlijk, maar vooral figuurlijk één van de leden van het eerste uur. Hij was zelfs één van de tien leden, die aanwezig was tijdens de oprichtingsvergadering van ons koor en daardoor lid vanaf 1 september 1980. Op zijn bureau werden de afspraken gemaakt met de eerste dirigent van ons koor Hans C. Janssen. Daarnaast heeft hij ook daadwerkelijk meegewerkt aan de in stand houding van het koor, want hij was Bibliothecaris van oktober 1981 tot 15 augustus 1987 en heeft daarbij vooral zijn best gedaan om het repertoire van ons koor uit te breiden. Hij was een voortreffelijke bariton, die vooral bekend was met het oude repertoire, omdat hij dit repertoire reeds in de loop der jaren had gezongen. Hij kende zijn partij en was duidelijk hoorbaar. Hij stond er ook op om op zijn vaste plaats te staan. Toen dit een keer niet kon, was hij zeer verbolgen, dat juist hij zijn plaats moest afstaan. Later ging hij uit zichzelf naar achteren, want hij begon toen last te krijgen van het vele staan. Vermoedelijk was dat het begin van zijn ziekte. Het niet meer lang kunnen staan was ook de reden dat hij op 1 september 2007 zijn lidmaatschap van ons koor opzegde. Naast een voortreffelijke zanger, was Frans tevens een positief lid van ons koor en een goede kameraad. Hij ontving de oorkonde en speld van de KNZV voor 25 jaar lidmaatschap van het Luchtmacht Mannenkoor.
Hij had inderdaad zijn grillen en grollen. Niet iedereen kon dat waarderen, maar met zijn charme en aparte humor, kwam het weer in orde. Eén van zijn vaste optredens was het uit zijn hoofd opzeggen van het complete gedicht "van de haan op de toren". Als hij begon met te zeggen: "Moet je horen . . . . .", dan wisten we het al, want dan kwam het gedicht.
Tijdens zijn ziekte heb ik hem samen met Joke diverse malen bezocht. Hij was verbaasd dat ik kwam, maar nog verbaasder dat Joke was meegekomen. "Waaraan heb ik dit verdiend?", vroeg hij aan Joke. Tijdens een bezoek van ons bij hem thuis, was hij nog steeds verbaasd en vroeg hij het opnieuw aan Joke waaraan hij dit verdiende. Haar antwoord was: "Omdat jij Frans bent !" Hij was heel dankbaar dat we gekomen zijn. Regelmatig sprak hij er over met Riet, dat hij het fantastisch vond en het maar niet begreep. Dat was ook Frans: dankbaar en gevoelig.
Het Bestuur, Dirigent en Leden van het Luchtmacht Mannenkoor wensen Riet, de kinderen en kleinkinderen heel veel sterkte toe bij het verwerken van dit grote verlies. Moge God hen daartoe de kracht geven.
FRANS, RUST IN VREDE
Gijs Commu,
Secretaris Luchtmacht Mannenkoor.